'Meer testen op scholen om R onder 1 te houden'

22 november 2020, 23.01 uur · Aangepast 23 november 2020, 08.19 uur

Mondkapjes op school - Nieuwsuur

Om het aantal coronabesmettingen verder terug te dringen, zou er een andere aanpak moeten worden gekozen voor scholen. Kinderarts-epidemioloog Patricia Bruijning stelt in Nieuwsuur dat een deel van de besmettingen onder de radar plaatsvindt en dat daar de aanpak op moet worden aangepast.

Volgens haar stijgt het aandeel middelbare scholieren in het totale aantal besmettingen. "We hebben al veel maatregelen genomen buiten de scholen. Als we naar beneden willen met de cijfers, dan denk ik dat we ook naar de scholen moeten kijken."

Bruijning noemt het zorgelijk dat het aandeel positief geteste scholieren nu boven het landelijk gemiddelde ligt. In het begin van het schooljaar liepen scholen achter. "Ze waren niet de aanjager van de besmettingen", zegt Bruijning. "Maar we hebben toen op veel plekken maatregelen genomen om de R omlaag te krijgen, maar niets gedaan op scholen. Dan zie je op enig moment dat de scholen voorop gaan lopen."

Bruijning haalt een Engelse studie aan. "Daarbij namen ze op gezette tijden monsters af in een hele groep mensen, of ze nu klachten hebben of niet. Daaruit komen ook positieve testen onder jongeren die geen klachten hebben."

Andere les- en pauzetijden

Sommige coronaregels gelden nu niet op scholen. Zo hoeven leerlingen onderling geen anderhalve meter afstand te houden. Om het reproductiegetal onder de 1 te houden, wat cruciaal is voor het indammen van het coronavirus, kan volgens Bruijning meer worden gedaan.

Ze noemt in Nieuwsuur variabele start- en eindtijden en spreiding van pauzes als opties. Dat kan het aantal contacten dat leerlingen hebben verminderen. Afstand houden acht ze niet realistisch: "Ik denk dat het ingewikkeld wordt om dat nu nog in te voeren."

Quote

Juist van tieners weten we dat ze een besmetting vaak zonder of met weinig klachten doorlopen.

Patricia Bruijning, epidemioloog

Het kabinetsbeleid schrijft voor te testen wanneer er symptomen zijn. Volgens Bruijning is er daardoor nu onvoldoende zicht op de situatie in scholen. "Juist van tieners weten we dat ze een besmetting vaak zonder of met weinig klachten doorlopen. Daarom bestaat het vermoeden dat veel onder de radar gebeurt. We weten niet goed in hoeverre scholieren bijdragen aan de verspreiding van het virus."

Ze pleit ervoor sneltesten in te zetten, bijvoorbeeld als er in een klas meerdere besmettingen zijn. "Je kunt besmette kinderen dan kortstondig isoleren en het onderwijs door laten gaan. Een andere strategie is het testen van de hele school."

"We moeten goed kijken naar wat haalbaar is", zegt Bruijning verder. "Geef bijvoorbeeld tijdelijk online les als er meerdere besmettingen zijn in een klas en zorg ervoor dat je het contact tussen leerlingen vermindert, bijvoorbeeld tijdens pauzes."

Verschillende scholen krijgen verschillende adviezen

 

Een klacht van schoolleiders en de VO-raad (de koepel van middelbare scholen) is dat ze vaak verschillende adviezen krijgen van de GGD over wat ze moeten doen met een klas met meerdere besmettingen. Bruijning herkent dat en pleit voor een eenduidig advies. "Zolang we nog niet de mogelijkheid hebben om sneltesten in te zetten, zou ik die kinderen een week lang onderwijs geven op afstand om de keten van besmetting te stoppen."