Start van hoofdcontent

NOORD-HOLLAND

nl

Steeds meer schoenmakers in provincie sluiten de deuren: 'Corona was een nekslag'

10 maart 2022, 11.00 uur · Door Daphne Adrichem

Het vak van schoenmaker dreigt langzamerhand uit de provincie te verdwijnen. De afgelopen jaren - en sinds de intrede van corona - sluiten meer en meer schoenmakers de deuren. Waar dat aan ligt? "Allereerst de consumptiemaatschappij waarin we leven, daarnaast het fysieke aanbod van schoenen in de stad dat afneemt, en daarmee ook de klanten die langskomen", aldus schoenmaker Martin Drogtrop (64) van 'Koen maakt je Schoen' in Haarlem. 

Het aantal schoenmakers neemt al jaren af - Pixabay/ Germans Aļeņins

Dat het aantal schoenmakers in de provincie afneemt is misschien niet meteen zichtbaar. Maar voor de oplettende, sluiten er steeds meer locaties vanwege vergrijzing, het niet kunnen vinden van een opvolger of een slechtlopende zaak. Uit cijfers van de KvK blijkt dat er in de afgelopen jaren - begin 2015 tot eind 2021 - een daling is te zien in de aantallen schoenmakers die in Noord-Holland zijn gevestigd. Het eerste kwartaal van 2015 kende 143 schoenmakers en daalde tot 129 schoenmakers in het laatste kwartaal van 2021.

Na een belronde van NH Nieuws blijkt dat veel schoenmakers de groeiende terugloop van klanten en omzet koppelen aan het thuiswerken tijdens corona. "Veel mensen hebben thuisgezeten en droegen geen schoenen, deze versleten dus ook niet", aldus Martin Drogtrop van 'Koen maakt je Schoen' in Haarlem. Het thuiszitten zou volgens de gesproken schoenmakers het online kopen - en daarmee 'het ontlopen van het stadshart' - hebben versterkt. Daarnaast 'stijgen de materiaalkosten en schieten klanten en echt vakmanschap tekort'.

Bekijk hieronder de grafiek met het aantal schoenmakers in de provincie (2015-2021). Tekst gaat verder.

'Jeugd leeft in digitale toekomst'

De afname van schoenmakers oogt in cijfers misschien niet extreem, toch zijn er volgens de schoenmakers zelf genoeg redenen voor zorgen. De consumptiemaatschappij, te weinig nieuwe leerlingen en starters zorgen ervoor dat het 'vakmanschap het zwaar te verduren zal krijgen' en uiteindelijk 'zal verdwijnen'.

"Je probeert te investeren in een klant, maar ziet die klant gewoon weggaan"

Mo - Shoedoctor 020

Mo (45) van Shoedoctor 020 op de Javastraat in Amsterdam zit zelf al 32 jaar 'met veel liefde en passie in het vak', en vreest het ergste voor het 'prachtige vakmanschap'. "Je ziet het tekort aan ambachtliederen toenemen, niet alleen in dit vak, maar ook bij kappers, bouwvakkers en echte vakmensen. Mensen willen snel geld verdienen en weinig doen. Bij handwerk komt veel fysiek zwaar werk kijken, de jeugd kijkt daar anders naar; die leven en zien een digitale toekomst."

Volgens Mo speelt dit probleem ook buiten onze provincie, 'het speelt overal in ons land'. "Alleen al binnen Noord-Holland verandert het woonaanbod constant, mensen die vertrekken. Mensen die in Amsterdam wonen en met goede overwaarde hun huis verkopen", kaart hij aan. "Je probeert te investeren in een klant, maar ziet die klant gewoon weggaan."

Vertekend beeld

Vanessa Visser (44) runt samen met haar man Peter Jonker (41) Jonker Schoenmakerijen Volendam. Ook daar is in de afgelopen jaren de klandizie behoorlijk achteruit gelopen. "Toen we net begonnen werd het drukker, je bent schoenmaker, maar wij doen ook lederwaren en koffers. We hebben ook personeel gehad, maar ondertussen doen we het samen."

Waar het stel, zoals veel ondernemers, eerst bij zichzelf te rade ging naar wat er beter kon of wat aan te passen, bleef er volgens Visser sprake van 'een cirkel'. "Het liep al wat terug, maar je kunt wel zeggen dat corona een nekslag heeft gegeven. Het blijft ook een cirkel; je kunt vrijwel goedkoop schoenen kopen, maar mensen willen geen geld uitgeven om schoenen te verzolen of te laten maken. Daarnaast weten mensen vaak ook niet wat een schoenmaker allemaal kan."

"Als je de achtergrond van een schoenmaker niet kent, of geen binding hebt met het vak, komen de mensen niet"

Martin Drogtrop - 'Koen maakt je schoen'

De 'weggooi- en consumptiemaatschappij' komt tijdens de belronde door de provincie meerdere malen terug. "Als je een schoen koopt waarvan de waarde minder geld is dan de kosten voor het laten maken of verzolen, kopen mensen toch wel iets nieuws", aldus Visser.

Volgens schoenmaker Martin Drogtrop speelt opvoeding ook een rol. "Als je de achtergrond van een schoenmaker niet kent, of geen binding hebt met het vak, komen de mensen niet. Vanuit thuis wordt dat doorgezet, dat geloof ik echt", benadrukt hij. "Wij vervangen hele onderstellen, het hoge segment werk. Veel mensen komen hier met schoenen van twintig euro en verwachten dat je het goedkoop kunt repareren, omdat de schoen zelf goedkoop is."

Zelf verkocht Drogtrop een schoenmakerszaak in Amsterdam aan een oud-medewerker van hem en besloot twee jaar geleden een nieuwe zaak in Haarlem te beginnen. "Wij zijn net drie weken voor de corona hier gekomen, dus het is nog lastig in te schatten of zich dit door gaat zetten. Ik blijf optimistisch over de toekomst, ik hoef ook nog lekker drie jaar en dan ga ik met pensioen. Ik zoek wel iemand uit het vak om te trainen en dan eventueel later over te gaan tot overname." Maar voor de schoenmaker die stopt vanwege financiële redenen is het nog maar de vraag of het pand en machines voor een goede prijs verkocht kunnen worden, want 'daar is ook al lang geen vraag meer naar'. 

'Liefde voor ambacht'

Wanneer we spreken over echte liefde voor het vak, is Cornelis Kees Rensen (77) van Ambachtelijke Schoenmakerij "De Witte Raaf", Marine in Den Helder een goed voorbeeld. In zijn zaak ontvangt hij onder andere (ex)militairen, burgers, gepensioneerde en burgerambtenaren. Tijdens ons gesprek klinkt de klassieke muziek op de achtergrond, hij 'wil wel wat vertellen over het vak'. "MAX TV heb ik wel aanstaan, dat hoort bij het totaalplaatje", grapt hij.

"Ik was schoenmaker aan boord; ik hunker nog wel eens naar die momenten"

Cornelis Kees Rensen - Ambachtelijke Schoenmakerij "De Witte Raaf"

Al snel blijkt dat het gezegde 'Schoenmaker blijft bij je leest' nog steeds van toepassing is. Rensen weet met zijn ervaring alles over 'schoeisels, materialen, lijmen en alles wat daarmee te maken heeft'. "Toen ik 18 jaar was ben ik bij de Marine als schoenmaker gegaan. Daar heb ik op schepen gevaren, wereldzeëen gezien. Ik was schoenmaker aan boord; ik hunker nog wel eens naar die momenten", vertelt hij. "In '95 ben ik mijn dienst als militair schoenmaker uitgegaan en de dag daarna geprivatiseerd, op de haven bij de Marine in Den Helder waar ik nu nog zit."

Aan stoppen denkt hij zeker niet: "Ik vind het nog steeds leuk, onder de mensen en verhalen ophalen als er oude militairen langskomen. Sinds 1964 zit ik al hier op de haven, maar de marine verveelt niet, er is zoals wij zeggen: 'altijd wel wat te ouwehoeren'. Thuiszitten schiet je ook niks mee op, stofzuigen, ramen lappen."

Starters

In de afgelopen zeven jaar zijn er wel nieuwe mensen in het vak gerold. Maar ook de starters op de arbeidsmarkt nemen af. Waar er gemiddeld zo'n 8 nieuwe schoenmakers per jaar hun intreden doen, telt 2021 maar 2 beginners op de markt.

"Op dit moment is er één opleiding in het midden van het land, met 10 leerlingen. Toen ik zelf een opleiding volgde, waren er vier scholen in Nederland, met per school twee klassen met 20 leerlingen", vertelt Drogtrop. "Dat neemt drastisch af, vroeger werden er ook nog zaken overgenomen, mensen kiezen nu een ander vak."

Onderstaande grafiek laat het aantal starters in het ambacht zien (2015-2021). Tekst gaat verder.

Volgens Visser speelt het 'stoffige imago' van de schoenmaker een rol. "Vooral jonge mensen hebben een verkeerd beeld bij het ambacht, ben ik van mening. Daarnaast ligt het niet alleen aan óf er mensen zijn, maar ook of je deze mensen wel een stageplek kan geven. Waarom zou je personeel in dienst nemen, als je het zelf makkelijk aankan?"

"Gelukkig heb ik mijn zoon van kinds af aan, hoe ik ook het vak ben ingerold, met de paplepel, met dit beroep proberen op te voeden"

MO - SHOEDOCTOR 020

Schoenmaker Mo uit Amsterdam spreekt zich uit over het aantal vakmensen dat 'uit noodzaak en kosten moet stoppen'. "Ik zit 32 jaar in het vak en investeer niet in goedkope kwaliteit materiaal, ik investeer in het contact met mensen; al mijn klanten krijgen het beste." Hij voegt daar aan toe: "Gelukkig heb ik mijn zoon van kinds af aan, hoe ik ook het vak ben ingerold, met de paplepel, met dit beroep proberen op te voeden. Hij kan hopelijk in de sporen treden." 

Rensen uit Den Helder, ziet de 'oude ambacht' als een 'heiligdom'. "Het gaat om de schoen beter maken dan dat ze hem gekocht hebben, maar dat is niet zo moeilijk hoor. Want tegenwoordig kopen ze klerezooi, zal ik dat zo maar zeggen."

Download de app

🔔 Blijf op de hoogte van nieuws uit jouw regio, download de gratis NH Nieuws-app via de App Store of de Google Play Store.