Start van hoofdcontent

Noord-Holland

NL
V

Koren op het molenvak: steeds meer jongeren willen molenaar worden

9 oktober 2021, 20.45 uur · Door Daphne Adrichem

Molenaar, het klinkt misschien wat oubollig en de beroepsgroep kampt ook al langere tijd met vergrijzing, maar hier lopen de jongeren nog warm voor het oer-Hollandse ambacht. Het gaat zelfs zo goed in Noord-Holland dat er voor de vele leerlingen nauwelijks instructeurs te vinden zijn.

NH / Tom Jurriaans

"Er zijn op dit moment meer dan 65 mensen in opleiding tot molenaar in Noord-Holland. Die gaan het misschien niet allemaal halen, maar landelijk gezien zitten we in onze provincie erg goed in de leerlingen", aldus Tom Kreuning, secretaris Gilde van Vrijwillige Molenaars. 

De meesten kennen de molens uit de liedjes van vroeger, de tekenboekjes, maar ook kenmerkt de molen het gevoel van vroeger. Dat geldt ook voor de redacteur van dit stuk die graag even memoreert: 'De Zandhaas in Santpoort-Noord, waar je samen met opa heen mocht om via het dunne trapje naar het topje te klimmen om het gemaal te zien draaien. Om vervolgens met een zak meel en een hard snoepje, een hopje, naar oma toe te rennen om het avontuur te vertellen.'

"De molen behoort tot industrieel en cultureel erfgoed, superbelangrijk om te behouden. Als je je verleden begrijpt, begrijp je het heden ook beter" vertelt molen-instructeur Ada Meurs-Lollinga van het Gilde van Vrijwillige Molenaars gepassioneerd. 

Cultureel Erfgoed 

UNESCO besloot op 5 december 2017 dat het molenaarsambacht dan ook officieel ingeschreven mocht worden op de Representatieve Lijst van Immaterieel Cultureel Erfgoed van de Mensheid. Daarmee is het molenaarsambacht de eerste en vooralsnog de enige Nederlandse inschrijving op de lijst.

Voor Molenaar Wouter Pfeiffer een 'bijzonder en apetrots' moment. "Het ambacht kwam op deze manier onder de aandacht en zorgde ervoor dat mensen enthousiast werden om een opleiding tot molenaar te volgen", vertelt hij aan NH Nieuws.

Quote

"De opleiding doet men in de vrije tijd en het maakt dus niet uit hoe lang je erover doet"

tom kreuning - secretaris gilde van vrijwillige molenaars

"Het gaat dus best goed met de molenaar", vindt Pfeiffer. Niet alleen vanwege erkenning, maar ook alle nieuwe interesse voor het vak. "Bij mijn molen, De Vriendschap in Weesp, ben ik gezegend met een jonge generatie molenaars: vier stuks, waarvan drie jonge mannen en één jonge vrouw. Ik heb dus geluk."

En dat er een nieuwe generatie opstaat voor onze molens is nodig, vertelt molenaar Gerard Troost "Vanuit de overheid vinden we het heel belangrijk dat molenaars (goed) worden opgeleid, zonder molenaars geen molens en andersom."

Stijgende lijn 

Op dit moment zijn er in Noord-Holland ongeveer 170 molenaars en meer dan 65 mensen in opleiding tot molenaar. En dat is beter dan de rest van Nederland: "Landelijk is er wel een scheve verdeling. Bijvoorbeeld in Groningen, Drenthe en Zeeland is er een tekort aan molenaars om alle molens te bemensen. Daar zijn relatief ook weinig molenaars in opleiding (MIO, red)", vertelt Kreuning. 

Toch is er volgens hem een 'algemeen stijgende lijn' in het aantal molenaars. Maar hard gaat het niet. "Aangezien de gemiddelde leeftijd van de molenaar inmiddels 61 jaar is, zijn er veel nieuwe molenaars nodig om het verloop op te vangen." Bijzonder aan het molenaarsvak is dat er geen tijdsdruk achter de opleiding zit: "de opleiding doet men in zijn vrije tijd en het maakt dus niet uit hoe lang je erover doet." 

Juist hierdoor komen er landelijk vooral veel nieuwe 'grijsaards' bij. "Ouderen hebben vrije tijd en gaan doen wat ze altijd al hadden willen doen, bijvoorbeeld molenaar worden. Dit heeft het nadeel dat deze mannen en vrouwen in vergelijking met nieuwe jonge opgeleide molenaars relatief weinig tijd 'over hebben' gezien de leeftijd om het ambacht uit te oefenen."

Quote

"De molen en de molenaar vormen een onlosmakelijk geheel: geen van beiden is iets zonder de ander"

wouter Pfeiffer - specialist wind- en watermolens

Het investeren in de opleiding van jongeren zou dan ook een logische stap en duurzame investering zijn, vult Pfeiffer aan. "Er zijn echter niet heel veel jongeren die verslingerd raken aan molens en het ambacht, dus daar zit wel een probleem. Hoe enthousiasmeer je een nieuwe jongere generatie voor de molen en het ambacht?"

'Ervaringsvak'

Ondanks dat een deel van de jongeren duidelijk interesse heeft in de molens en het leren van het ambacht, staat het gilde van molenaars voor een uitdagende taak. "Het aantal molenaars moet op peil blijven: vergrijzing ligt op de loer", aldus Troost. De overheid ondersteunt het gilde dan ook financieel en geeft subsidie voor de opleidingen en het examineren van de molenaars. 

Het kost tijd en ervaring om molenaar te worden. Elk seizoen heeft haar eigen weertype en wind, wat steeds weer voor een unieke uitdaging zorgt. Daarom duurt de opleiding dan ook gemiddeld iets van drie jaar, vertelt hij. 

Ook zijn molens 'dure en onderhoudsgevoelige monumenten die weinig geld opleveren en meestal alleen maar geld kosten'. Pfeiffer: "Dat is dus zowel een plaatselijke, regionale en nationale zorg die nooit ophoudt. Daarnaast zal een molen in goede staat van onderhoud, maar zonder molenaar(s) ook wegkwijnen. De molen en de molenaar vormen een onlosmakelijk geheel: geen van beiden is iets zonder de ander!"

Achtergrondinformatie

  1. Nederland telt: ongeveer 1200 historische molens, waarvan 600 korenmolen, 400 wateropvoerwerktuigen (poldermolens), 100 watergedreven molens en 100 overige molens, zoals houtzaag-, pel-, olie-, papier- verfmolen.

  2. Het ambacht van molenaar is het eerste Nederlandse Immateriële erfgoed wat op de Werelderfgoedlijst van UNESCO is komen te staan. 

  3. Nederland is ontstaan en rijk geworden door molens. Door onder andere het droogleggen van wateren, zodat er meer land vrijkwam voor wonen en verbouwen. Een goed voorbeeld hiervan is de uitvinding van de wind-houtzaagmolen door Cornelis Corneliszoon te Uitgeest in 1597, zo vertelt Ada Meurs-Lollinga, instructeur en actief bij Het Gilde van Vrijwillige Molenaars: "Door deze uitvinding kennen wij de 'gouden eeuw' en is de Zaan het grootste industriegebied van Europa geworden. Zo kon er 20 tot 30 keer sneller worden gezaagd, wat hielp met het versnellen van het bouwen van schepen."

💬 Whatsapp ons!
Heb jij tips? Of een interessante foto of video gemaakt? Stuur ons jouw nieuws op 06 30 09 30 03

Tikfout gezien? Laat het ons weten via [email protected]